Laten we maar niet spreken
van de zachtmoedigen
zij kregen de overhand
in de kleine heiligdommen
zij voeren op zilveren schepen
die als langzame messen
door het aardlichaam sneden
lange rivieren met tijgers aan de zij
de stigmata van de klamme roeiers
hun donkere voorloop
is als een ijzeren grafiek:
de wet van behoud van ellende
laten we liever de hardlijners bezingen
zij zijn goed aangekomen
dikke basten, de ontkenning van getuigen
is uit de boeken geradeerd
de reeksen van bastaards
we wreven geblancheerd glas tot spiegels
waarin de vorsten tonen
hun veroveringen gesloten in amber
de uitgewaaierde blanke apen
hun forten met dikke bertha's
ze dansten hun quadrilles
en persten suikerriet en nikkers
we drijven door
langs de versleten waterraderen
vermaalden de vuurkoeten en snippen
en ons verwarde wezen.
Ingezonden door: wenlez